top of page

Tinnitus, snurken en slaapapneu

  • Foto van schrijver: Art of Hearing | Dyon Scheijen
    Art of Hearing | Dyon Scheijen
  • 5 dagen geleden
  • 3 minuten om te lezen




Een uitnodiging tot breder klinisch denken


In de spreekkamer hoor ik het met regelmaat:


“Ik word ’s nachts wakker met hartkloppingen. En dan hoor ik mijn tinnitus heel luid. Die maakt me wakker.”


De conclusie lijkt logisch.

De tinnitus wordt ervaren op het moment van ontwaken.

Dus moet de tinnitus de oorzaak zijn.


Maar fysiologisch gezien is dat niet vanzelfsprekend.


Wat als de tinnitus niet het alarm is, maar het eerste bewuste signaal ná een ander alarm?


Dit blog is geen stellingname.

Het is een uitnodiging aan collega’s om mee te denken over een klinisch relevante vraag:


Wat is de relatie tussen tinnitus, snurken en obstructieve slaapapneu?


Hoe luid is snurken eigenlijk?


Snurken ontstaat door vibratie van weke delen in de bovenste luchtweg tijdens de slaap. Geluidsmetingen laten zien dat:


  • milde snurkers vaak rond 40–50 dB produceren

  • matig tot ernstig snurken boven 60 dB kan uitkomen

  • in uitzonderlijke gevallen pieken richting 85–90 dB zijn gemeten


Dat laatste roept direct een vraag op:

zou herhaald snurkgeluid zelf tinnitus kunnen veroorzaken?


Tot op heden is daar geen overtuigend bewijs voor. De blootstelling is intermitterend en kortdurend, anders dan bij klassieke lawaaischade waarbij continue hoge intensiteiten gedurende langere tijd optreden.


De interessante vraag ligt waarschijnlijk niet in het geluidsniveau zelf, maar in wat snurken representeert.


Snurken als marker van obstructieve slaapapneu?


Snurken is een belangrijk symptoom van Obstructieve slaapapneu (OSA).


OSA kenmerkt zich door:


  • herhaalde ademstops

  • intermitterende hypoxie

  • stijging van CO₂

  • sympathische activatie

  • micro-arousals


Elke ademstop is een mini-stressrespons.

Zuurstof daalt.

Het autonome zenuwstelsel activeert.

De hartslag stijgt.

Het brein ontwaakt kort.


Vaak zonder dat de patiënt zich bewust is van de ademstop zelf.


Wanneer iemand dan wakker wordt met hartkloppingen en op dat moment de tinnitus duidelijk hoort, is de causale volgorde niet automatisch duidelijk.


Wat zegt de literatuur?


De relatie tussen OSA en tinnitus wordt steeds vaker onderzocht.


1. Epidemiologische associatie


Grote populatiegebaseerde analyses, onder andere uit de NHANES-datasets, laten zien dat mensen met obstructieve slaapapneu significant vaker tinnitus rapporteren dan mensen zonder OSA, zelfs na correctie voor leeftijd, cardiovasculaire factoren en gehoorverlies.


Dit bewijst geen causaliteit, maar suggereert dat de associatie klinisch relevant is.


2. OSA en auditieve disfunctie


In cohortstudies bij OSA-patiënten wordt tinnitus vaker gerapporteerd dan objectief gehoorverlies. Dat wijst erop dat de relatie niet uitsluitend via perifere haarcelschade verloopt.


Hypothesen omvatten:


  • microvasculaire veranderingen in het binnenoor

  • oxidatieve stress door intermitterende hypoxie

  • verstoring van centrale auditieve verwerking


3. Slaapkwaliteit en tinnitus


Polysomnografische studies tonen aan dat tinnituspatiënten binnen OSA-populaties vaker een slechtere subjectieve slaapkwaliteit rapporteren, zelfs wanneer objectieve slaapparameters vergelijkbaar zijn.


Dit onderstreept het belang van perceptie, arousal en centrale regulatie.


Mogelijke mechanismen


De relatie tussen OSA en tinnitus lijkt multifactorieel.


Intermitterende hypoxie


Het binnenoor is metabool kwetsbaar. Chronische zuurstofschommelingen kunnen microcirculatie en cochleaire functie beïnvloeden.


Autonome dysregulatie


OSA verhoogt sympathische activiteit. We weten dat tinnitus sterk gemoduleerd wordt door limbische en autonome netwerken.


Slaapfragmentatie


Gefragmenteerde slaap verhoogt sensorische gevoeligheid en verlaagt de tolerantie voor interne signalen. Veel patiënten ervaren hun tinnitus luider na slechte nachten.


De vraag wordt dan:


Wordt iemand wakker dóór de tinnitus?

Of wordt iemand wakker dóór een ademstop en hoort daarna de tinnitus?


Klinische implicaties


In de dagelijkse praktijk screenen we bij tinnitus:


  • gehoor

  • stress

  • coping

  • cognities


Maar hoe systematisch screenen we op:


  • luid snurken

  • ademstops

  • nachtelijke hartkloppingen

  • ochtendhoofdpijn

  • overmatige slaperigheid overdag?


Als OSA een modulerende factor is, behandelen we mogelijk slechts een deel van het systeem wanneer we ons uitsluitend richten op auditieve of psychologische interventies.


Dit betekent niet dat tinnitus “door apneu wordt veroorzaakt”.

Wel dat slaap en ademhaling mogelijk een relevante context vormen.


Een uitnodiging aan collega’s


Ik ben benieuwd hoe jullie dit zien:


  • Screenen jullie standaard op slaapapneu bij tinnitus?

  • Hebben jullie tinnitus zien verbeteren na CPAP-behandeling?

  • Zou systematische samenwerking tussen audiologie en slaapgeneeskunde wenselijk zijn?

  • Moeten we slaaponderzoek vaker overwegen bij hardnekkige of nachtelijk fluctuerende tinnitus?


Als horen meer is dan enkel de oren, dan hoort ademhaling daar misschien ook bij.


Tot slot


Wanneer iemand ’s nachts wakker wordt met hartkloppingen en een luide piep, is de reflex om het auditieve systeem centraal te stellen.


Maar misschien moeten we soms een andere vraag stellen:


Wat deed de ademhaling net daarvoor?

Wat deed het autonome zenuwstelsel?

Wat deed de slaap?


Misschien ligt een deel van het antwoord niet in het oor, maar in de nacht.


Horen is zo veel meer dan enkel de oren.

Opmerkingen

Beoordeeld met 0 uit 5 sterren.
Nog geen beoordelingen

Voeg een beoordeling toe
whatsapp (4).png
bottom of page