top of page

Essay 8 - Een stapsgewijze benadering van laagfrequent geluid

  • Foto van schrijver: Art of Hearing | Dyon Scheijen
    Art of Hearing | Dyon Scheijen
  • 7 mei
  • 5 minuten om te lezen
The Hearing Triptych | Sound · Brain · Human Experience | A scientific framework for understanding tinnitus and low-frequency sound | Where art meets science
The Hearing Triptych | Sound · Brain · Human Experience | A scientific framework for understanding tinnitus and low-frequency sound | Where art meets science


LFG Handbook

Essay 8


Een stapsgewijze benadering van laagfrequent geluid


Van signaal naar menselijke ervaring


Meldingen van laagfrequent geluid brengen professionals vaak in een complexe situatie. Bewoners ervaren hinder die soms moeilijk te verklaren lijkt met technische metingen alleen. Tegelijkertijd willen professionals zorgvuldig blijven binnen de grenzen van wat objectief kan worden vastgesteld.


In dergelijke situaties kan het helpen om laagfrequent geluid niet als één enkel probleem te benaderen, maar als een vraagstuk dat zich op meerdere niveaus afspeelt.


Een stapsgewijze benadering kan professionals helpen om deze verschillende niveaus systematisch te verkennen.


Het doel van deze benadering is niet om één discipline centraal te stellen, maar om duidelijk te maken dat het begrijpen van laagfrequent geluid vaak vraagt om samenwerking tussen verschillende perspectieven.


A stepwise approach to low-frequency sound: from acoustic signal to human experience. Integrating sound, hearing, brain processing, psychology and life context in tinnitus and low-frequency sound.
A stepwise approach to low-frequency sound: from acoustic signal to human experience. Integrating sound, hearing, brain processing, psychology and life context in tinnitus and low-frequency sound.

Stap 1 – Onderzoek van het geluidssignaal


De eerste stap blijft het onderzoeken van het fysieke geluid.


Belangrijke vragen zijn onder meer:

• Is er een fysisch signaal aanwezig?

• Welke frequenties spelen een rol?

• Is er een mogelijke bron te identificeren?

• Hoe gedraagt het geluid zich in ruimte en gebouw?


Hier spelen disciplines zoals akoestiek, technische analyse en omgevingsonderzoek een centrale rol.


Onderzoek naar de fysische eigenschappen van lage frequenties heeft laten zien dat deze geluiden zich op bijzondere manieren kunnen voortplanten en in gebouwen complexe resonantiepatronen kunnen veroorzaken (Leventhall, 2004).


Ook praktijkonderzoek naar het opsporen van bronnen laat zien dat het lokaliseren van laagfrequent geluid vaak een zorgvuldig en soms langdurig proces is (Ostendorf, 2009).


In de praktijk begint een goede benadering van laagfrequent geluid vaak niet in de spreekkamer alleen.


Juist de samenwerking tussen bewoners, GGD’en, Omgevingsdiensten, akoestisch adviseurs en audiologische centra blijkt essentieel.


Huisbezoeken, het gesprek aan de keukentafel en aandacht voor de persoonlijke leefomgeving geven vaak informatie die metingen alleen niet volledig kunnen vatten.


Soms zit de eerste stap niet direct in een oplossing, maar in het serieus nemen van de ervaring en het gezamenlijk stapsgewijs onderzoeken van wat er speelt.


Misschien ligt precies daar ook de kracht van een multidisciplinaire aanpak:

niet enkel kijken naar het geluid zelf, maar naar de volledige interactie tussen omgeving, waarneming en menselijke ervaring.


Stap 2 – Het gehoor en medische evaluatie


Voordat gekeken wordt naar de verwerking van geluid in het brein, is het van belang om ook het functioneren van het gehoor zelf in kaart te brengen.


Gehoorverlies of veranderingen in het auditieve systeem kunnen invloed hebben op de manier waarop geluid wordt waargenomen. Dit geldt ook voor lage frequenties, waarbij veranderingen in het gehoor soms juist kunnen leiden tot een andere of meer opvallende perceptie van geluid.


Een beoordeling door een audicien, audioloog of KNO-arts kan helpen om inzicht te krijgen in:

• de gehoorfunctie

• mogelijke gehoorverliezen

• asymmetrie tussen oren

• bijkomende klachten zoals tinnitus of hyperacusis


In sommige gevallen kan ook audiologische revalidatie een rol spelen, bijvoorbeeld wanneer klachten samengaan met overgevoeligheid voor geluid, tinnitus of problemen in de verwerking van geluid.


Het in kaart brengen van het gehoor vormt daarmee een belangrijke schakel tussen het fysieke geluidssignaal en de manier waarop dit signaal door het brein wordt verwerkt.


Stap 3 – Begrijpen van auditieve verwerking


Wanneer een geluidssignaal aanwezig is, betekent dit nog niet automatisch dat iedereen het op dezelfde manier waarneemt.


Het auditieve systeem verwerkt geluid niet passief. Het brein analyseert, filtert en interpreteert signalen voortdurend.


Onderzoek naar tinnitus heeft laten zien dat geluidsperceptie wordt beïnvloed door de interactie tussen auditieve systemen en emotionele systemen in het brein (Jastreboff, 1990).


Aandacht en betekenis kunnen daardoor een rol spelen in de manier waarop een geluid naar voren treedt in de waarneming.


Stap 4 – Psychologische processen


Wanneer een geluid als storend, onbekend of onverklaarbaar wordt ervaren, kunnen psychologische processen een rol gaan spelen.


Het vrees-vermijdingsmodel beschrijft hoe aandacht, onzekerheid en spanning lichamelijke of sensorische ervaringen kunnen versterken (Vlaeyen & Linton, 2000).


Dit proces kan bijvoorbeeld leiden tot:

• verhoogde waakzaamheid

• voortdurende monitoring van het geluid

• spanning of frustratie

• verstoring van slaap


Onderzoek naar tinnitus heeft laten zien dat dergelijke processen een belangrijke rol kunnen spelen in de ervaren belasting van geluid (Cima et al., 2012).


Stap 5 – De menselijke context


Naast technische en psychologische factoren speelt ook de bredere levenscontext een rol.


Factoren zoals stress, slaapgebrek, werkdruk of persoonlijke omstandigheden kunnen invloed hebben op hoe een geluid wordt ervaren.


Het model van Het Glas der Lebensakzeptanz kan helpen om deze context inzichtelijk te maken. Het laat zien dat de impact van een geluid mede wordt bepaald door de hoeveelheid belasting die iemand op dat moment al ervaart.


Voor professionals kan dit model helpen om situaties breder te bekijken en om gesprekken met bewoners in een bredere context te plaatsen.


Misschien gaat een goede benadering van laagfrequent geluid uiteindelijk niet alleen over het verminderen van prikkels, maar ook over het vergroten van draagkracht, ruimte en veerkracht.


Eerder schreef ik hierover in:

Het glas halfvol of halfleeg? Laten we het glas groter maken.

Lees het essay hier.


De kracht van samenwerking


Deze vijf stappen laten zien dat laagfrequent geluid zich niet laat reduceren tot één enkel perspectief.


Elke discipline ziet een deel van het geheel:

• akoestiek onderzoekt het signaal

audiologie en medische disciplines brengen het gehoor in kaart

• neurowetenschap beschrijft de verwerking van geluid

• psychologie helpt processen van aandacht en betekenis te begrijpen

• de menselijke context laat zien hoe geluid in iemands leven past


Wanneer deze perspectieven met elkaar worden verbonden ontstaat een completer begrip van geluidservaringen.


Plaats binnen The Hearing Triptych


Het model van The Hearing Triptych (Scheijen, 2026) vormt een overkoepelend kader waarin deze perspectieven samenkomen.


Het fysieke geluid vormt het vertrekpunt.

Het brein bepaalt hoe het signaal wordt verwerkt.

De menselijke ervaring bepaalt uiteindelijk hoe het geluid wordt beleefd.


Door deze drie dimensies samen te beschouwen ontstaat een model waarin verschillende disciplines elkaar kunnen aanvullen.


Van analyse naar begrip


Een stapsgewijze benadering helpt professionals om situaties rond laagfrequent geluid systematisch te analyseren.


Maar minstens zo belangrijk is dat deze benadering ruimte laat voor samenwerking.


Want juist in de ontmoeting tussen technische analyse, kennis van perceptie en aandacht voor menselijke ervaring ontstaat vaak het beste begrip van een situatie.


In de volgende essays wordt verder ingegaan op de rol van samenwerking tussen disciplines en op de manier waarop professionals met bewoners kunnen communiceren over complexe geluidservaringen.


Literatuur


Leventhall, H. G. (2004). Low frequency noise and annoyance. Noise & Health.


Ostendorf, C. (2009). How to find the source of low frequency noise: three case studies. Journal of Low Frequency Noise, Vibration and Active Control.


Jastreboff, P. J. (1990). Phantom auditory perception (tinnitus): mechanisms of generation and perception. Neuroscience Research.


Cima, R. F. F., et al. (2012). Specialised treatment based on cognitive behavioural therapy versus usual care for tinnitus. The Lancet.


Vlaeyen, J. W. S., & Linton, S. J. (2000). Fear-avoidance and its consequences in chronic pain. Pain.


Scheijen, D. (2026). The Hearing Triptych.




Opmerkingen

Beoordeeld met 0 uit 5 sterren.
Nog geen beoordelingen

Voeg een beoordeling toe
bottom of page