top of page

Essay 1 - Waarom laagfrequent geluid zo moeilijk te begrijpen is

  • Foto van schrijver: Art of Hearing | Dyon Scheijen
    Art of Hearing | Dyon Scheijen
  • 3 dagen geleden
  • 3 minuten om te lezen
The Hearing Triptych | Sound · Brain · Human Experience | A scientific framework for understanding tinnitus and low-frequency sound | Where art meets science
The Hearing Triptych | Sound · Brain · Human Experience | A scientific framework for understanding tinnitus and low-frequency sound | Where art meets science


LFG HandbooK

Essay 1


Waarom laagfrequent geluid zo moeilijk te begrijpen is


Voor veel professionals begint het onderzoek naar geluid met meten. Geluid wordt beschreven in frequenties, intensiteiten en spectra. Deze metingen vormen de basis van akoestisch onderzoek en hebben ons veel geleerd over de fysieke eigenschappen van geluid.


Bij veel geluidbronnen werkt deze benadering goed. Wanneer een machine draait, een ventilatiesysteem geluid produceert of verkeer langs een woning rijdt, kunnen metingen vaak duidelijk laten zien wat er fysiek aanwezig is.


Bij laagfrequent geluid blijkt de situatie echter vaak complexer.


Professionals die werken met meldingen van laagfrequent geluid herkennen een situatie die op het eerste gezicht paradoxaal lijkt. Bewoners ervaren een brom, dreun of trilling in hun woning, soms vooral ’s nachts of in stille ruimtes. Het geluid kan leiden tot slaapproblemen, spanning en onzekerheid.


Wanneer vervolgens metingen worden uitgevoerd ontstaat regelmatig een ingewikkeld beeld. Soms worden lage frequenties gemeten die passen bij de ervaring van bewoners. Maar even vaak laten metingen slechts beperkte niveaus zien of blijkt het moeilijk om een duidelijke bron aan te wijzen.


Dit verschil tussen ervaring en meting kan voor alle betrokkenen verwarrend zijn.


Bewoners kunnen het gevoel krijgen dat hun ervaring niet serieus wordt genomen wanneer metingen geen duidelijke verklaring geven. Professionals proberen tegelijkertijd zorgvuldig te blijven binnen de grenzen van wat technisch en wetenschappelijk vastgesteld kan worden.


Juist in deze spanning tussen ervaring en meting ligt een belangrijk kenmerk van laagfrequent geluid.


De bijzondere eigenschappen van lage frequenties


Een eerste verklaring ligt in de fysische eigenschappen van lage frequenties zelf.


Lage frequenties gedragen zich anders dan hogere frequenties. Ze kunnen zich over grotere afstanden voortplanten, worden minder gedempt door muren en constructies en kunnen in gebouwen complexe resonantiepatronen veroorzaken. Hierdoor kan het geluidsniveau op verschillende plekken in een woning sterk variëren.


Onderzoek naar laagfrequent geluid heeft laten zien dat deze eigenschappen een belangrijke rol spelen bij de manier waarop geluid zich in woonomgevingen manifesteert (Leventhall, 2004).


Dit betekent dat metingen op verschillende locaties in dezelfde ruimte soms uiteenlopende resultaten kunnen opleveren.


Variatie in metingen


Ook in praktijkonderzoek blijkt regelmatig dat meetresultaten kunnen variëren.


Zelfs wanneer meerdere professionals op hetzelfde moment en in dezelfde ruimte meten, kunnen meetwaarden verschillen. Dit kan onder meer samenhangen met:

• verschillen in meetapparatuur

• verschillen in meetmethoden

• ruimtelijke resonantie in gebouwen

• variaties in achtergrondgeluid

• tijdsafhankelijk gedrag van bronnen


Praktijkstudies naar laagfrequent geluid laten zien dat het lokaliseren van een bron daarom vaak een zorgvuldig en soms langdurig proces is (Ostendorf, 2009).


Meer dan een technisch vraagstuk


Hoewel de fysische eigenschappen van geluid belangrijk zijn, blijkt in de praktijk dat laagfrequent geluid niet uitsluitend een technisch vraagstuk is.


In veel situaties speelt ook de manier waarop mensen geluid waarnemen en interpreteren een rol.


Het menselijk gehoor is geen passieve ontvanger van geluid. Het brein selecteert, filtert en interpreteert signalen voortdurend. Aandacht, verwachting en emotionele betekenis beïnvloeden mede hoe een geluid wordt ervaren.


Onderzoek naar tinnitus heeft laten zien dat geluidsperceptie sterk wordt beïnvloed door de interactie tussen auditieve en emotionele systemen in het brein (Jastreboff, 1990). Ook psychologische processen zoals aandacht en interpretatie kunnen een rol spelen in de ervaren belasting van geluid (Cima et al., 2012).


Daarnaast beschrijft het vrees-vermijdingsmodel hoe aandacht en onzekerheid lichamelijke of sensorische ervaringen kunnen versterken (Vlaeyen & Linton, 2000).


Dit betekent niet dat geluidservaringen uitsluitend psychologisch verklaard moeten worden. Het laat wel zien dat geluidsperceptie ontstaat uit een samenspel van meerdere factoren.


Naar een breder perspectief


De combinatie van fysische eigenschappen van lage frequenties, variatie in metingen en de complexiteit van menselijke perceptie maakt dat laagfrequent geluid zich moeilijk laat begrijpen vanuit één discipline alleen.


Juist daarom is een breder perspectief nodig.


In dit handboek wordt dat perspectief beschreven met behulp van The Hearing Triptych (Scheijen, 2026). Dit model beschrijft geluidsperceptie als een interactie tussen drie domeinen:


geluid – brein – menselijke ervaring.


Door deze drie dimensies samen te beschouwen ontstaat een kader waarin zowel de fysieke eigenschappen van geluid als de menselijke ervaring ervan een plaats krijgen.


In het volgende essay wordt eerst stilgestaan bij een fenomeen dat veel professionals herkennen: de variatie in metingen van laagfrequent geluid.


Literatuur


Leventhall, H. G. (2004). Low frequency noise and annoyance. Noise & Health.


Ostendorf, C. (2009). How to find the source of low frequency noise: three case studies. Journal of Low Frequency Noise, Vibration and Active Control.


Jastreboff, P. J. (1990). Phantom auditory perception (tinnitus): mechanisms of generation and perception. Neuroscience Research.


Cima, R. F. F., et al. (2012). Specialised treatment based on cognitive behavioural therapy versus usual care for tinnitus. The Lancet.


Vlaeyen, J. W. S., & Linton, S. J. (2000). Fear-avoidance and its consequences in chronic pain. Pain.

Opmerkingen

Beoordeeld met 0 uit 5 sterren.
Nog geen beoordelingen

Voeg een beoordeling toe
bottom of page